Coopers’ kleurensysteem

John Dean "Jeff" Cooper

John Dean “Jeff” Cooper

Het kleurensysteem van Jeff Cooper draait volledig om de situationele alertheid. Het is oorspronkelijk bedacht voor het leger en heel specifiek voor de zelfverdediging met een pistool. Maar voor alledaagse zelfverdediging is het ook goed geschikt.

Wit
Wit betekend dat je volkomen onalert bent. Als er nu iets zou gebeuren ben je er mentaal niet op voorbereid.
Als we in deze mentale staat verkeren en er gebeurt iets naars is de eerste reactie vaak een ontkenning of een wanhoopsreactie.
Zit je binnen lekker voor de tv, de deuren op slot en de waakhond aan je voeten… dan is het oké om mentaal wit te zijn. Voordat er iets gebeurt ben je waarschijnlijk al lang gealarmeerd en geëscaleerd naar geel.
Loop je zo over straat dan ben je een gemakkelijk doelwit. Waarschijnlijk kijk je naar de grond voor je en let je niet op de omgeving om je heen. Je ziet eruit als een prooi en wat er ook gebeurt je zult te geschrokken zijn om jezelf effectief in veiligheid te krijgen. De meeste overvallen en berovingen worden uitgevoerd op mensen die zo over straat lopen.

Geel
Dit is een ontspannen maar alerte gemoedstoestand. Je verwacht niks in het maar je weet “misschien gebeurt er vandaag iets”. Misschien moet je je wel verdedigen maar er zijn nog meer gevaren in de wereld. Misschien moet je iemand helpen die gewond is geraakt bij een ongeluk of zie je plotseling rook uit een gebouw komen. Je weet dat je misschien iets moet doen, wat dat ook maar is.
Zorg er voor dat je altijd met een gele gemoedstoestand plekken betreed waar je nog nooit bent geweest. Ontmoet nieuwe mensen ook op deze manier. Gebruik je zintuigen en ervaar wat er om je heen gebeurt. Niet alleen is dit een manier om je voor te bereiden op mogelijk gevaarlijke situaties, zo ervaar je de wereld om je heen veel plezieriger. De stoep vlak voor je is ongeveer het saaiste uitzicht dat je kunt hebben.

Oranje
Iemand (of iets) heeft je aandacht gegrepen. Je blijft, net zoals in de gele gemoedstoestand, alert. De omgeving waarin je je bevind kan namelijk nog meer gevaren bevatten.
Het is in oranje alleen wel erg belangrijk dat je goed op de persoon let die je aandacht heeft getrokken. Je observeert de dreiging en bedenkt vast een plan voor als er iets gebeurt, bijvoorbeeld:

“Als die meneer [een van je grenzen] doet dan zal ik [een verdedigingsactie] doen.”

“Als hij me na de volgende bocht nog langer blijft volgen bel ik bij het eerste huis aan dat ik tegenkom.”

“Zodra deze boze mevrouw me aanraakt (of het een duwtje is, een klap of dat ze me beetpakt) verlaat ik deze discussie.”

Deze manier van denken en voorbereiden heeft alleen zin als je zeker weet dat je kunt doen wat je zou willen doen. Durf je bij een vreemde aan te bellen voor hulp? Kun je de kamer verlaten zonder dat het gevaar groter wordt? Heb je die zelfverdedigingstechniek die je zou willen uitvoeren al goed getraind? Als het antwoord ja is sta je op scherp om actie te ondernemen. Als het antwoord nee is weet je niet hoe het zal uitpakken voor je.
Zorg er dus voor dat je genoeg oefent en dat je de dingen die je kunt vaak genoeg afspeelt in je hoofd. Fantasie is je vriend als je vaardigheden niet wilt verleren. (Voor meer over het mentaal voorbereiden op nare situaties op deze site)

Blijkt het gevaar geweken te zijn dan ga je weer terug naar geel.

Rood
Rood is uiteraard de noodtoestand. De situatie is geëscaleerd naar een niveau dat jij moet handelen. De trekker in je hoofd is overgehaald (de man blijft je volgen, de mevrouw raakte je aan). Jouw grens is overschreden! Nu voer je je plan uit!

Helmuth von Moltke zei over oorlog voeren: “Geen enkel plan overleeft het eerste contact met de vijand.” Dit is ook in de zelfverdediging zo. Een plan hebben is goed, het zorgt ervoor dát je iets doet. Als je eenmaal iets doet moet je niet schrikken dat het niet volgens plan gaat. Improviseer en doe wat nodig is om jezelf te beschermen.

Een percentage ontvoeringen vinden plaats vlak voor de deur van het slachtoffer. Misschien denkt je volger wel dat dit zijn kans is. Op het moment dat jij het pad oploopt om aan te bellen bij het eerste huis rent hij op je af om je mee te nemen. Weg plan! Je hebt geen tijd meer om te wachten tot de deur open gaat. Nu moet je improviseren. Het helpt wel dat er waarschijnlijk snel iemand naar buiten komt om je te helpen maar je staat er even alleen voor.

Nogmaals: Zorg dat je getraind bent in omgaan met dreigingen. Met wat voor dreigingen je ook te maken krijgt, om ervoor te zorgen dat je niet verstijft in de rode fase moet je geoefend hebben. Dit geld zowel voor zelfverdediging als andere dreigingen (brand, ongelukken, boze klanten, etc.).